Wijkhistorie: Spangen

Spangen is een Rotterdamse stadswijk met forse bouwblokken in een monumentaal stratenpatroon. De wijk werd ontwikkeld en gebouwd vanaf 1913. Op dit moment woont er een in cultureel en sociaal opzicht gevarieerde bevolking. Na verpaupering in de jaren tachtig en negentig zit de wijk in de lift na een aantal succesvolle sociale en fysieke ingrepen de afgelopen jaren.

Ontstaan van de wijk
Het gebied voor de uitbreidingswijk Spangen lag ingeklemd tussen een aantal infrastructurele barrières; aan de westkant lag de Delfshavense Schie, de hoge Mathenesserdijk vormde de zuidelijke grens, terwijl de op een dijk gelegen gebogen havenspoorweg het gebied in het oosten en noorden afsloot. Door de lage ligging van de polder binnen deze omgrenzingen maakten de terreinen in Spangen een enigszins geïsoleerde indruk, wat nog versterkt werd door de landelijke omgeving en het ontbreken -tot 1923- van een brug voor personenverkeer over de Delfshavense Schie.

Om de bouwkosten van de woningen zo laag mogelijk te houden werd besloten de grond in de polder Spangen niet op te hogen. Ophoging was funderingstechnisch niet nodig en het zou na ophoging nog minstens vijf jaar duren voordat er na opdroging en inklinking gebouwd zou kunnen worden. Het gevolg was dat de woonwijk Spangen als een polder moest worden drooggemalen.

De wijk Spangen heeft een oppervlakte van 65 hectare. De Mathenesserdijk, de oorspronkelijke middeleeuwse zeedijk, splitst Spangen in een bovendijks deel en een benedendijks deel. Tussen de Mathenesserweg en Mathenesserdijk ligt bovendijks Spangen. Benedendijks Spangen ligt ten noorden daarvan.

Planmatige woningbouw
De Woningwet van 1901 verplichtte gemeentes groter dan 10.000 inwoners een uitbreidingsplan op te stellen. Onder supervisie van de directeur van Plaatselijke Werken G.J. de Jongh werd in 1903 een plan gemaakt waarbij Spangen als een van de woningbouwlocaties was aangewezen (naast o.a. Tussendijken, Blijdorp en Crooswijk). Na een experimentele fase in Crooswijk werd in Spangen de eerste planmatige woningbouw op grote schaal gerealiseerd. Niet langer konden bouwexploitanten met de gemeente onderhandelen over het type te realiseren bebouwing, met een verbrokkeld stadsbeeld als gevolg. De contouren en voorwaarden lagen  van tevoren vast. De stedelijke woonblokken, waarin tientallen tot honderden woningen als een complex door één architect werden vormgegeven, vormde de module waarmee de wijk werden opgebouwd.

Stedenbouwkundig ontwerp
Het stedenbouwkundig ontwerp van Pieter Verhagen voorzag in een strenge regie van de uitgifte van de bouwblokken en de architectonische kwaliteit. In Spangen, waar duizenden etagewoningen gebouwd gingen worden, maakte Verhagen zo veel mogelijk gebruik van aanwezige landschappelijke elementen die hij als plantsoen vormgaf. De bergboezem liet hij als singel uitvoeren en beplanten, terwijl de hoge Mathenesserdijk met het steile talud en boombeplanting als woonsingel met aangrenzend grastalud bleef gehandhaafd. Aan de voet van de dijk projecteerde Verhagen een groot plein dat uitmondde in een monumentale route naar het stadion van Sparta. Vanaf het plein voerden diagonale straten naar de verschillende woonbuurten, elk voorzien van scholen en speelvelden. De bouwblokken van Spangen verankerde Verhagen in een wijk met een duidelijk ruimtelijk stelsel van dragers en een gedetailleerd ontworpen openbare ruimte. De regels voor het bouwen, zoals rooilijnen, nokhoogtes, de lengte van de bouwblokken en de situering van winkels legde hij vast in bebouwingsvoorschriften. Zo ontstond een handboek dat de architecten van de bouwblokken als programma van eisen moesten gebruiken bij het ontwerpen van hun gebouwen. Het bouwblok als onderdeel van de stedenbouwkundige blokkendoos is in Spangen voor het eerst in relatie gebracht met de esthetiek van de grootschalige volkswoningbouw.

Stadsvernieuwing
Spangen is een van de Rotterdamse wijken die drastisch zijn aangepakt tijdens de periode van stadsvernieuwing. In Rotterdam werden verschillende gradaties van stadsvernieuwing ontwikkeld. De ‘Kleine beurt plus’ was een verbeteringspakket waarbij de woning opnieuw geïsoleerd werd en voorzien van centrale verwarming. Soms werd de oppervlakte van de woningen vergroot door van oorsprong gedeelde zolderverdiepingen bewoonbaar te maken. De ‘Hoog Niveau Renovatie’ was de meest verregaande en betekende interne kaalslag: binnen de casco’s werd een volledig nieuwe woningdifferentiatie gerealiseerd. De stadsvernieuwing startte in Spangen in 1982. Als uitgangspunten werden geformuleerd het handhaven van de in 1913 ontworpen stedenbouwkundige structuur, het op grote schaal toepassen van Hoog Niveau Renovaties van het gemeentelijke woningbestand en de mogelijkheid om een extra bouwlaag aan te brengen. Vaak werd besloten per bouwblok te renoveren, zonder rekening te houden met het feit dat het overgrote deel van Spangen bestaat uit coherente composities van gevelwanden aan weerszijden van de straten. De stadsvernieuwing had grote gevolgen voor het homogene straatbeeld van Spangen. Enkele bouwblokken van de befaamde architect J.J.P. Oud met glas-in-loodramen van Theo van Doesburg werden ernstig verminkt of gesloopt.

Vanaf de jaren tachtig van de vorige eeuw ging het bergafwaarts met Spangen. Huisjesmelkers en woningcorporaties boden de grote immigrantengezinnen goedkoop onderdak in de piepkleine arbeiderswoningen van de wijk. Er kwam een massale trek in twee richtingen op gang: laaggeschoolde, kansarme immigranten kwamen, welvarende autochtonen en middenstanders zochten hun heil elders. Spangen verarmde en verloederde en groeide uit tot een paradijs voor drugsdealers en andere criminelen.

Recente ontwikkelingen
Begin jaren negentig kwamen de overgebleven buurtbewoners in opstand. De wijk werd door de gemeente benoemd tot 'hotspot'. Er is sinds 1990 veel gesloopt, gerenoveerd en herbouwd. Veel woonblokken zijn door de gemeente aangekocht, waaronder het Wallisblok aan de Wallisweg. Dit blok is door middel van collectief particulier opdrachtgeverschap gerenoveerd, evenals De Blauwe Vos aan de Nicolaas Beetsstraat. Het zijn de eerste -succesvolle- voorbeelden van het fenomeen kluswoningen. Langs de Schieoevers zijn grote nieuwe appartementenblokken naar ontwerp van Mecanoo gebouwd. Door sloop van een bouwblok ontstond het Bellamyplein met fraai gerestaureerde woningen. Ook het Justus van Effencomplex is gerestaureerd, waarbij de sporen van de eerdere renovatie zijn gewist. Door deze nieuwe impulsen zijn er veel jonge gezinnen en creatieve mensen bijgekomen.

Deze wijkhistorie is voor een groot deel gebaseerd op: Spangen Rotterdam, cultuurhistorische verkenning, Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric, april 2009

Bronnen:
Spangen Rotterdam, cultuurhistorische verkenning, Steenhuis stedenbouw/landschap | Urban Fabric, april 2009.

Cor Wagenaar en Marinke Steenhuis, ‘Laboratorium Spangen’, in: M. Halbertsma en P. van Ulzen (red.), Interbellum Rotterdam. Kunst en cultuur 1918-1940 (2001), p. 179-202.

Berkelbach, C. (2006) Gratis vanaf 70.000 euro. In: Agricola, E. & G. Helleman, KEI (2006) Tien jaar stedelijke vernieuwing; in vijftig teksten en projecten, pp 185-186. Rotterdam: NAi Uitgevers.

Beek, Sjors van, Mengen in Spangen, in: Binnenlands Bestuur, 28 mei 2010.

Indexcijfers:

 

 

aantal inwoners 2011

10.104

percentage allochtonen 2011

85%

aantal woningen 2010

4.248

percentage koopwoningen 2010

26%

percentage lage inkomens 2008

61%

aantal werkzame personen 2010

1.282

percentage werkzoekenden zonder baan 2010*

11%

veiligheidsindex 2009

6,3

opkomst gemeenteraadsverkiezingen 2010

43%

   

 

Centrum voor Onderzoek en Statistiek